Genesis 48
1 Het geschiedde nu na deze dingen, dat men Jozef zeide: Zie, uw vader is krank! Toen nam hij zijn twee zonen met zich, Manasse en Efraim! 2 En men boodschapte Jakob, en men zeide: Zie, uw zoon Jozef komt tot u! Zo versterkte zich Israel, en zat op het bed. 3 Daarna zeide Jakob tot Jozef: God de Almachtige, is mij verschenen te Luz, in het land Kanaan, en Hij heeft mij gezegend; 4 En Hij heeft tot mij gezegd: Zie, Ik zal u vruchtbaar maken, en u vermenigvuldigen, en u tot een hoop van volken stellen; en Ik zal aan uw zaad na u dit land tot een eeuwige bezitting geven.
5 Nu dan, uw twee zonen, die u in Egypteland geboren waren, eer ik in Egypte tot u gekomen ben, zijn mijne; Efraim en Manasse zullen mijne zijn, als Ruben en Simeon. 6 Maar uw geslacht, dat gij na hen zult gewinnen, zullen uwe zijn; zij zullen naar hunner broederen naam genoemd worden in hun erfdeel. 7 Toen ik nu van Paddan kwam, zo is Rachel bij mij gestorven in het land Kanaan, op den weg, als het nog een kleine streek lands was, om tot Efrath te komen; en ik begroef haar aldaar aan den weg van Efrath, welke is Bethlehem.
8 En Israel zag de zonen van Jozef, en zeide: Wiens zijn deze? 9 En Jozef zeide tot zijn vader: Zij zijn mijn zonen, die mij God hier gegeven heeft. En hij zeide: Breng hen toch tot mij, dat ik hen zegene! 10 Doch de ogen van Israel waren zwaar van ouderdom; hij kon niet zien; en hij deed hen naderen tot zich; toen kuste hij hen, en omhelsde hen. 11 En Israel zeide tot Jozef: Ik had niet gemeend uw aangezicht te zien; maar zie, God heeft mij ook uw zaad doen zien! 12 Toen deed hen Jozef uitgaan van zijn knieen; en hij boog zich voor zijn aangezicht neder ter aarde. 13 En Jozef nam die beiden, Efraim met zijn rechterhand, tegenover Israels linkerhand, en Manasse met zijn linkerhand, tegenover Israels rechterhand, en hij deed hen naderen tot hem. 14 Maar Israel strekte zijn rechterhand uit, en leide die op het hoofd van Efraim, hoewel hij de minste was, en zijn linkerhand op het hoofd van Manasse; hij bestierde zijn handen verstandelijk; want Manasse was de eerstgeborene.
15 En hij zegende Jozef, en zeide: De God, voor Wiens aangezicht mijn vaders, Abraham en Izak, gewandeld hebben, die God, Die mij gevoed heeft, van dat ik was, tot op dezen dag; 16 Die Engel, Die mij verlost heeft van alle kwaad, zegene deze jongeren, en dat in hen mijn naam genoemd worde, en de naam mijner vaderen, Abraham en Izak, en dat zij vermenigvuldigen als vissen in menigte, in het midden des lands! 17 Toen Jozef zag, dat zijn vader zijn rechterhand op het hoofd van Efraim leide, zo was het kwaad in zijn ogen, en hij ondervatte zijns vaders hand, om die van het hoofd van Efraim op het hoofd van Manasse af te brengen. 18 En Jozef zeide tot zijn vader: Niet alzo, mijn vader! want deze is de eerstgeborene; leg uw rechterhand op zijn hoofd. 19 Maar zijn vader weigerde het, en zeide: Ik weet het, mijn zoon! ik weet het; hij zal ook tot een volk worden, en hij zal ook groot worden; maar nochtans zal zijn kleinste broeder groter worden dan hij, en zijn zaad zal een volle menigte van volkeren worden. 20 Alzo zegende hij ze te dien dage, zeggende: In u zal Israel zegenen, zeggende: God zette u als Efraim en als Manasse! En hij zette Efraim voor Manasse. 21 Daarna zeide Israel tot Jozef: Zie, ik sterf; maar God zal met ulieden wezen, en Hij zal u wederbrengen in het land uwer vaderen. 22 En ik heb u een stuk lands gegeven boven uw broederen; hetwelk ik, met mijn zwaard en met mijn boog, uit de hand der Amorieten genomen heb.
Genesis 49
1 Daarna riep Jakob zijn zonen, en hij zeide: Verzamelt u, en ik zal u verkondigen, hetgeen u in de navolgende dagen wedervaren zal. 2 Komt samen en hoort, gij, zonen van Jakob! en hoort naar Israel, uw vader.
3 Ruben! gij zijt mijn eerstgeborene, mijn kracht, en het begin mijner macht; de voortreffelijkste in hoogheid, en de voortreffelijkste in sterkte! 4 Snelle afloop als der wateren, gij zult de voortreffelijkste niet zijn! want gij hebt uws vaders leger beklommen; toen hebt gij het geschonden; hij heeft mijn bed beklommen!
5 Simeon en Levi zijn gebroeders! hun handelingen zijn werktuigen van geweld! 6 Mijn ziel kome niet in hun verborgen raad; mijn eer worde niet verenigd met hun vergadering! want in hun toorn hebben zij de mannen doodgeslagen, en in hun moedwil hebben zij de ossen weggerukt. 7 Vervloekt zij hun toorn, want hij is heftig; en hun verbolgenheid, want zij is hard! ik zal hen verdelen onder Jakob, en zal hen verstrooien onder Israel.
8 Juda! gij zijt het, u zullen uw broeders loven; uw hand zal zijn op den nek uwer vijanden; voor u zullen zich uws vaders zonen nederbuigen. 9 Juda is een leeuwenwelp! gij zijt van den roof opgeklommen, mijn zoon! Hij kromt zich, hij legt zich neder als een leeuw, en als een oude leeuw; wie zal hem doen opstaan? 10 De schepter zal van Juda niet wijken, noch de wetgever van tussen zijn voeten, totdat Silo komt, en Denzelven zullen de volken gehoorzaam zijn. 11 Hij bindt zijn jongen ezel aan den wijnstok, en het veulen zijner ezelin aan den edelsten wijnstok; hij wast zijn kleed in den wijn, en zijn mantel in wijndruivenbloed. 12 Hij is roodachtig van ogen door den wijn, en wit van tanden door de melk.
13 Zebulon zal aan de haven der zeeen wonen, en hij zal aan de haven der schepen wezen; en zijn zijde zal zijn naar Sidon.
14 Issaschar is een sterk gebeende ezel, nederliggende tussen twee pakken. 15 Toen hij de rust zag, dat zij goed was, en het land, dat het lustig was, zo boog hij zijn schouder om te dragen, en was dienende onder cijns.
16 Dan zal zijn volk richten, als een der stammen Israels. 17 Dan zal een slang zijn aan den weg, een adderslang nevens het pad, bijtende des paards verzenen, dat zijn rijder achterover valle. 18 Op uw zaligheid wacht ik, HEERE!
19 Aangaande Gad, een bende zal hem aanvallen; maar hij zal haar aanvallen in het einde.
20 Van Aser, zijn brood zal vet zijn; en hij zal koninklijke lekkernijen leveren.
21 Nafthali is een losgelaten hinde; hij geeft schone woorden.
22 Jozef is een vruchtbare tak, een vruchtbare tak aan een fontein; elk der takken loopt over den muur. 23 De schutters hebben hem wel bitterheid aangedaan, en beschoten, en hem gehaat; 24 Maar zijn boog is in stijvigheid gebleven, en de armen zijner handen zijn gesterkt geworden, door de handen van den Machtige Jakobs; daarvan is hij een herder, een steen Israels; 25 Van uws vaders God, Die u zal helpen, en van den Almachtige, Die u zal zegenen, met zegeningen des hemels van boven, met zegeningen des afgronds, die daaronder ligt, met zegeningen der borsten en der baarmoeder! 26 De zegeningen uws vaders gaan te boven de zegeningen mijner voorvaderen, tot aan het einde van de eeuwige heuvelen; die zullen zijn op het hoofd van Jozef, en op den hoofdschedel des afgezonderden zijner broederen!
27 Benjamin zal als een wolf verscheuren; des morgens zal hij roof eten, en des avonds zal hij buit uitdelen.
28 Al deze stammen van Israel zijn twaalf; en dit is het, wat hun vader tot hen sprak, als hij hen zegende; hij zegende hen, een iegelijk naar zijn bijzonderen zegen. 29 Daarna gebood hij hun, en zeide tot hen: Ik word verzameld tot mijn volk: begraaft mij bij mijn vaders, in de spelonk, die is in den akker van Efron, den Hethiet; 30 In de spelonk, welke is op den akker van Machpela, die tegenover Mamre is, in het land Kanaan, die Abraham met dien akker gekocht heeft van Efron, den Hethiet, tot een erfbegrafenis. 31 Aldaar hebben zij Abraham begraven, en Sara, zijn huisvrouw; daar hebben zij Izak begraven, en Rebekka, zijn huisvrouw; en daar heb ik Lea begraven. 32 De akker, en de spelonk, die daarin is, is gekocht van de zonen Heths. 33 Als Jakob voleind had aan zijn zonen bevelen te geven, zo leide hij zijn voeten samen op het bed, en hij gaf den geest, en hij werd verzameld tot zijn volken.
Genesis 50
1 Toen viel Jozef op zijns vaders aangezicht, en hij weende over hem, en kuste hem. 2 En Jozef gebood zijn knechten, den medicijnmeesters, dat zij zijn vader balsemen zouden; en de medicijnmeesters balsemden Israel. 3 En veertig dagen werden aan hem vervuld; want alzo werden vervuld de dagen dergenen, die gebalsemd werden; en de Egyptenaars beweenden hem zeventig dagen. 4 Als nu de dagen zijns bewenens over waren, zo sprak Jozef tot het huis van Farao, zeggende: Indien ik nu genade gevonden heb in uw ogen, spreekt toch voor de oren van Farao, zeggende: 5 Mijn vader heeft mij doen zweren, zeggende: Zie, ik sterf; in mijn graf, dat ik mij in het land Kanaan gegraven heb, daar zult gij mij begraven! Nu dan, laat mij toch optrekken, dat ik mijn vader begrave, dan zal ik wederkomen. 6 En Farao zeide: Trek op en begraaf uw vader, gelijk als hij u heeft doen zweren.
7 En Jozef toog op, om zijn vader te begraven; en met hem togen op alle Farao's knechten, de oudsten van zijn huis, en al de oudsten des lands van Egypte; 8 Daartoe het ganse huis van Jozef, en zijn broeders, en het huis zijns vaders; alleen hun kleine kinderen, en hun schapen, en hun runderen lieten zij in het land Gosen. 9 En met hem togen op, zo wagenen als ruiteren; en het was een zeer zwaar heir. 10 Toen zij nu aan het plein van het doornbos kwamen, dat aan gene zijde van de Jordaan is, hielden zij daar een grote en zeer zware rouwklage; en hij maakte zijn vader een rouw van zeven dagen. 11 Als de inwoners des lands, de Kanaanieten, dien rouw zagen op het plein van het doornbos, zo zeiden zij: Dit is een zware rouw der Egyptenaren; daarom noemde men haar naam Abel-mizraim, die aan het veer van de Jordaan is. 12 En zijn zonen deden hem, gelijk als hij hun geboden had; 13 Want zijn zonen voerden hem in het land Kanaan, en begroeven hem in de spelonk des akkers van Machpela, welke Abraham met den akker gekocht had tot een erfbegrafenis van Efron, den Hethiet, tegenover Mamre.
14 Daarna keerde Jozef weder in Egypte, hij en zijn broeders, en allen, die met hem opgetogen waren, om zijn vader te begraven, nadat hij zijn vader begraven had.
15 Toen Jozefs broeders zagen, dat hun vader dood was, zo zeiden zij: Misschien zal ons Jozef haten, en hij zal ons gewisselijk vergelden al het kwaad, dat wij hem aangedaan hebben. 16 Daarom ontboden zij aan Jozef, zeggende: Uw vader heeft bevolen voor zijn dood, zeggende: 17 Zo zult gij tot Jozef zeggen: Ei, vergeef toch de overtreding uwer broederen, en hun zonde; want zij hebben u kwaad aangedaan; maar nu vergeef toch de overtreding der dienaren van den God uws vaders! En Jozef weende, als zij tot hem spraken. 18 Daarna kwamen ook zijn broeders, en vielen voor hem neder, en zeiden: Zie, wij zijn u tot knechten! 19 En Jozef zeide tot hen: Vreest niet; want ben ik in de plaats van God? 20 Gijlieden wel, gij hebt kwaad tegen mij gedacht; doch God heeft dat ten goede gedacht; opdat Hij deed, gelijk het te dezen dage is, om een groot volk in het leven te behouden. 21 Nu dan, vreest niet! Ik zal u en uw kleine kinderen onderhouden. Zo troostte hij hen, en sprak naar hun hart.
22 Jozef dan woonde in Egypte, hij en het huis zijns vaders; en Jozef leefde honderd en tien jaren. 23 En Jozef zag van Efraim kinderen, van het derde gelid; ook werden de zonen van Machir, den zoon van Manasse, op Jozefs knieen geboren. 24 En Jozef zeide tot zijn broederen: Ik sterf; maar God zal u gewisselijk bezoeken, en Hij zal u doen optrekken uit dit land, in het land, hetwelk hij aan Abraham, Izak en Jakob gezworen heeft. 25 En Jozef deed de zonen van Israel zweren, zeggende: God zal u gewisselijk bezoeken, zo zult gij mijn beenderen van hier opvoeren! 26 En Jozef stierf, honderd en tien jaren oud zijnde; en zij balsemden hem, en men leide hem in een kist in Egypte.
Achi
Achuar
Afrikaans
- ABD07-AF Bybel vir almal
- AFR53-AF 1933/1953 Translation
- AFR83 Afrikaans 1983 Translation
- DB Die Boodskap
- NLV Nuwe Lewende Vertaling
العربية
- AVD-AR New Van Dyck Bible
- AVDRV-AR New Van Dyck Bible (Reduced Vocalization without Helps)
- GNA93-AR Good News Arabic Bible
- NAV كتاب الحياة
- SAB الكتاب الشريف
- WBAR Arabic Bible
Waimaha
Batak Toba
български език
বাংলা
Biatah
Simalungun
Batak Karo
Cebuano
Church Slavonic
česky
Dansk
Deutsch
- DELUT Luther Bible 1912
- ELB Elberfelder 1905
- ELB71 Elberfelder 1871
- GANTP Albrecht NT und Psalmen
- HFA Hoffnung für Alle
- NGU2011-DEU Neue Genfer Übersetzung
- SCH2000-DEU Schlachter 2000
- SCH51 Schlachter 1951
Dusun
English
- ASV American Standard Version
- BOOKS-ENG The Books of the Bible NT
- AMP Amplified Bible
- CEB Common English Bible
- CEV Contemporary English Version
- CPDV Catholic Public Domain Version
- DRA Douay Rheims
- ESV English Standard Version
- GNT Good News Translation
- GNTD English Good News Translation
- GWT GOD'S WORD Translation
- HCSB Holman Christian Standard Bible
- KJV King James Version
- LEB Lexham English Bible
- MSG The Message
- NASB New American Standard Bible
- NCV New Century Version
- NET New English Translation
- NIRV-ENG New International Reader's Version
- NIV NIV
- NIV84 NIV 1984
- NIVUK New International Version Anglicized
- NKJV New King James Version
- NLT New Living Translation
- OJB Orthodox Jewish Bible
- TNIV TNIV
- WEB World English Bible
Español
- BLPH-ES La Palabra (versión hispanoamericana)
- DHH Dios Habla Hoy Con Deuterocanόnicos
- DHHE-ES Dios Habla Hoy (versión española)
- LBLA La Biblia de las Americas
- NBLH Nueva Biblia Latinoamericana de Hoy
- NVI Nueva Version Internacional
- NTV Nueva Traducciόn Viviente
- RVC Reina Valera Contemporánea
- RVES Reina-Valera Antigua
- RVR60 Reina-Valera 1960
- RVR60-ES Biblia Reina Valera 1960
- RVR95 Reina Valera 1995
- TLA Traducciόn En Lenguaje Actual
- TLAD Traducciόn En Lenguaje Actual con Deuterocanónicos
- WBES Spanish NT
Euskara
- BHNT Navarro-Labourdin Basque NT
- EAB-EU Elizen Arteko Biblia (Biblia en Euskara, Traducción Interconfesional)
فارسی
Suomi
Français
- BDS La Bible Du Semeur
- FMAR Martin 1744
- FRC97-FR La Bible en français courant
- FRDBY Bible Darby en français
- LSG-FR Bible Segond 1910
- NBS-FR Nouvelle Bible Segond
- NEG79 Nouvelle Edition de Genève 1979
- OST Ostervald
- PDV-FR Bible Parole de Vie
- S21 Bible Segond 21
Guaraní
Ancient Greek
- SBLG SBL Greek New Testament
- TGV-GRC Η Αγία Γραφή (Παλαιά και Καινή Διαθήκη)
- TR1624 Elzevir Textus Receptus 1624
- TR1894 Scrivener’s Textus Receptus 1894
Hausa
עִבְרִית
Hiligaynon
Hrvatski
Magyar
Hawai`i Pidgin
Հայերեն
Iban
Bahasa Indonesia
Igbo
Italiano
- DO885-IT Diodati Bible
- IGD Giovanni Diodati Bibbia
- ITRIV Italian Riveduta 1927
- LM La Parola è Vita
- NR06-ITA Nuova Riveduta 2006
- NR94 Nuova Riveduta 1994
- RDV24-IT Versione Diodati Riveduta
日本語
ភាសាខ្មែរ
한국어
Lahu
Malagasy
te reo Māori
Li Niha
Nederlands
Norsk: nynorsk
Norsk: bokmål
- BM11-NO Bibelen 2011 bokmål
- NLBNT En Levende Bok: Det Nye Testamentet
- BM85-NO Bibelen 1978/85 bokmål
- NB Norsk Bibel 88/07
- NORSK Det Norsk Bibelselskap 1930
Sotho, Northern
Polski
Penan
Potawatomi
Português
- ARC Tradução Revista e Corrigida de João Ferreira de Almeida
- NTLH Tradução na Linguagem de Hoje
- NVI-POR Nova Versão Internacional
- TB-POR Tradução Brasileira (A Brazilian Translation), 2nd edition
- WBPT Brazilian Portuguese NT
Quichua-Chimborazo
Română
- NTR Noua Traducere în limba Română
- VDC Versiunea Dumitru Cornilescu
- VDCC Versiunea Dumitru Cornilescu Corectată
Pyccкий
- RSZ Slovo Zhizny
- RUVZ Russian New Testament by Victor R. Zhuromsky
- SYNO-RU Синодальный перевод
- WBRU Russian New Testament
Toraja
Slovenčina
Shona
Somali
Shqip
српски
Svenska
- BSV Nya Levande Bibeln
- SB00-SV Swedish, Translation 2000
- SFB Svenska Folkbibeln
- SK73 Karl XII 1873
- SVEN Svenska 1917
Kiswahili
ภาษาไทย
- TNCV-THA พระคริสตธรรมคัมภีร์อมตธรรมร่วมสมัย
- THSV Thai Standard Version Revision
- TKJV พระคัมภีร์ภาษาไทยฉบับ KJV
- WBTH Thai New Testament
Murut Timungon
Tagalog
Tswana
Tsonga
Türkçe
українська
- UBIO Біблія в пер. Івана Огієнка, 1962
- UKRK Біблія в пер. П.Куліша та І.Пулюя, 1905
- WBUK Ukrainian New Testament
اردو
Tiếng Việt
- BD2011-VIE Ban Dich 2011
- RVV11-VI Revised Vietnamese Version Bible
- VI1934 1934 Vietnamese Bible
- WBVI Vietnamese NT
èdèe Yorùbá
简体中文
繁體中文
Zokam
Book
Chapter
Achi
Achuar
Afrikaans
- ABD07-AF Bybel vir almal
- AFR53-AF 1933/1953 Translation
- AFR83 Afrikaans 1983 Translation
- DB Die Boodskap
- NLV Nuwe Lewende Vertaling
العربية
- AVD-AR New Van Dyck Bible
- AVDRV-AR New Van Dyck Bible (Reduced Vocalization without Helps)
- GNA93-AR Good News Arabic Bible
- NAV كتاب الحياة
- SAB الكتاب الشريف
- WBAR Arabic Bible
Waimaha
Batak Toba
български език
বাংলা
Biatah
Simalungun
Batak Karo
Cebuano
Church Slavonic
česky
Dansk
Deutsch
- DELUT Luther Bible 1912
- ELB Elberfelder 1905
- ELB71 Elberfelder 1871
- GANTP Albrecht NT und Psalmen
- HFA Hoffnung für Alle
- NGU2011-DEU Neue Genfer Übersetzung
- SCH2000-DEU Schlachter 2000
- SCH51 Schlachter 1951
Dusun
English
- ASV American Standard Version
- BOOKS-ENG The Books of the Bible NT
- AMP Amplified Bible
- CEB Common English Bible
- CEV Contemporary English Version
- CPDV Catholic Public Domain Version
- DRA Douay Rheims
- ESV English Standard Version
- GNT Good News Translation
- GNTD English Good News Translation
- GWT GOD'S WORD Translation
- HCSB Holman Christian Standard Bible
- KJV King James Version
- LEB Lexham English Bible
- MSG The Message
- NASB New American Standard Bible
- NCV New Century Version
- NET New English Translation
- NIRV-ENG New International Reader's Version
- NIV NIV
- NIV84 NIV 1984
- NIVUK New International Version Anglicized
- NKJV New King James Version
- NLT New Living Translation
- OJB Orthodox Jewish Bible
- TNIV TNIV
- WEB World English Bible
Español
- BLPH-ES La Palabra (versión hispanoamericana)
- DHH Dios Habla Hoy Con Deuterocanόnicos
- DHHE-ES Dios Habla Hoy (versión española)
- LBLA La Biblia de las Americas
- NBLH Nueva Biblia Latinoamericana de Hoy
- NVI Nueva Version Internacional
- NTV Nueva Traducciόn Viviente
- RVC Reina Valera Contemporánea
- RVES Reina-Valera Antigua
- RVR60 Reina-Valera 1960
- RVR60-ES Biblia Reina Valera 1960
- RVR95 Reina Valera 1995
- TLA Traducciόn En Lenguaje Actual
- TLAD Traducciόn En Lenguaje Actual con Deuterocanónicos
- WBES Spanish NT
Euskara
- BHNT Navarro-Labourdin Basque NT
- EAB-EU Elizen Arteko Biblia (Biblia en Euskara, Traducción Interconfesional)
فارسی
Suomi
Français
- BDS La Bible Du Semeur
- FMAR Martin 1744
- FRC97-FR La Bible en français courant
- FRDBY Bible Darby en français
- LSG-FR Bible Segond 1910
- NBS-FR Nouvelle Bible Segond
- NEG79 Nouvelle Edition de Genève 1979
- OST Ostervald
- PDV-FR Bible Parole de Vie
- S21 Bible Segond 21
Guaraní
Ancient Greek
- SBLG SBL Greek New Testament
- TGV-GRC Η Αγία Γραφή (Παλαιά και Καινή Διαθήκη)
- TR1624 Elzevir Textus Receptus 1624
- TR1894 Scrivener’s Textus Receptus 1894
Hausa
עִבְרִית
Hiligaynon
Hrvatski
Magyar
Hawai`i Pidgin
Հայերեն
Iban
Bahasa Indonesia
Igbo
Italiano
- DO885-IT Diodati Bible
- IGD Giovanni Diodati Bibbia
- ITRIV Italian Riveduta 1927
- LM La Parola è Vita
- NR06-ITA Nuova Riveduta 2006
- NR94 Nuova Riveduta 1994
- RDV24-IT Versione Diodati Riveduta
日本語
ភាសាខ្មែរ
한국어
Lahu
Malagasy
te reo Māori
Li Niha
Nederlands
Norsk: nynorsk
Norsk: bokmål
- BM11-NO Bibelen 2011 bokmål
- NLBNT En Levende Bok: Det Nye Testamentet
- BM85-NO Bibelen 1978/85 bokmål
- NB Norsk Bibel 88/07
- NORSK Det Norsk Bibelselskap 1930
Sotho, Northern
Polski
Penan
Potawatomi
Português
- ARC Tradução Revista e Corrigida de João Ferreira de Almeida
- NTLH Tradução na Linguagem de Hoje
- NVI-POR Nova Versão Internacional
- TB-POR Tradução Brasileira (A Brazilian Translation), 2nd edition
- WBPT Brazilian Portuguese NT
Quichua-Chimborazo
Română
- NTR Noua Traducere în limba Română
- VDC Versiunea Dumitru Cornilescu
- VDCC Versiunea Dumitru Cornilescu Corectată
Pyccкий
- RSZ Slovo Zhizny
- RUVZ Russian New Testament by Victor R. Zhuromsky
- SYNO-RU Синодальный перевод
- WBRU Russian New Testament
Toraja
Slovenčina
Shona
Somali
Shqip
српски
Svenska
- BSV Nya Levande Bibeln
- SB00-SV Swedish, Translation 2000
- SFB Svenska Folkbibeln
- SK73 Karl XII 1873
- SVEN Svenska 1917
Kiswahili
ภาษาไทย
- TNCV-THA พระคริสตธรรมคัมภีร์อมตธรรมร่วมสมัย
- THSV Thai Standard Version Revision
- TKJV พระคัมภีร์ภาษาไทยฉบับ KJV
- WBTH Thai New Testament
Murut Timungon
Tagalog
Tswana
Tsonga
Türkçe
українська
- UBIO Біблія в пер. Івана Огієнка, 1962
- UKRK Біблія в пер. П.Куліша та І.Пулюя, 1905
- WBUK Ukrainian New Testament
اردو
Tiếng Việt
- BD2011-VIE Ban Dich 2011
- RVV11-VI Revised Vietnamese Version Bible
- VI1934 1934 Vietnamese Bible
- WBVI Vietnamese NT